Hoe zijn de eetbare bananen ontstaan en verspreid?

Dit artikel verscheen in de Plantage Hortus van september 1996. Daarnaast heb ik een artikel over de banaan geschreven voor de rubriek "De plant van Fred" in dit blad van december 1987.

door Fred Triep

Inleiding

De banaan is een van de belangrijkste gekweekte voedingsgewassen op de aarde. Na de druif is de productie van bananen ook de grootste van alle vruchten. In 1982 werd de totale productie van bananen op de wereld op 20 miljoen ton geschat, waarvan slechts 4 tot 5 miljoen geŽxporteerd werd. De meeste bananen worden dus geproduceerd voor de lokale productie. In veel tropische landen worden bananen dan ook veel meer gegeten dan in Europa. In West Europa en de VS wordt gemiddeld 25 gram banaan per persoon per dag gegeten, wat overeenkomt met ongeveer 1 a 2 bananen per week. In sommige landen in Afrika is de banaan te vergelijken met de aardappel in ons land, want hij wordt daar in grote hoeveelheden gegeten. In Oeganda is de dagelijkse consumptie van bananen 4 tot 4,5 kilo per dag, waarvan 2,25 tot 2,7 kilo eetbaar is. Overigens worden deze bananen in de Oost Afrikaanse landen niet alleen rauw gegeten, maar ook gestoomd in bananenbladeren en dan gegeten. Daarnaast wordt er in Oeganda en delen van Tanzania ook bier gemaakt uit bananen.

De verandering van de banaan door kunstmatige selectie

Mogelijk heeft u de banaan veel meer geassocieerd met de bananenrepublieken in Midden Amerika of met de Canarische eilanden. Beide gebieden zijn grote exporteurs van bananen. Het zijn echter niet de oorsprongsgebieden van de banaan. De wilde bananensoorten, waaruit onze huidige gekweekte banaan is ontstaan komen voor in de vochtige tropische wouden van Zuid- Oost AziŽ (India, MaleisiŽ, IndonesiŽ, enz). De huidige banaan is door hybridisatie ontstaan uit 2 wilde bananen, namelijk de Musa acuminata en de Musa balbisiana. MaleisiŽ was het centrum van de bananensoort M.acuminata. Het genenmateriaal van deze soort is in alle gekweekte bananenvormen terug te vinden. Omdat de oorspronkelijk wilde plant het normale aantal chromosomen van 2n = 22 bezit (2n, n afkomstig van de mannelijke bloem en n afkomstig van de vrouwelijke bloem), kunnen we het genoom (=het totale aantal chromosomen) van de wilde M.acuminata weergeven met (AA). Voor de Maleisische vissers zijn de bananen van M. acuminata waarschijnlijk nauwelijks belangrijk geweest zijn. Mogelijk hebben zij de bananen voornamelijk gebruikt om vezels uit de bladeren te halen. De vruchten van deze bananenbomen waren klein en bezaten naast de zaden kleine hoeveelheden zetmeel.

Door foutjes bij de vorming van voortplantingscellen en de bevruchting ontstonden er ook bananen met 3n chromosomen. Dit gebeurde doordat haploide stuifmeelkorrels (n) diploÔde (2n) vrouwelijke cellen bevruchtten. De planten, die zo ontstaan, worden triploid genoemd. Een eigenschap van planten met triploide of tetraploide cellen is, dat zij grotere bloemen en/of vruchten dragen. Dit geldt ook voor de banaan. De triploide planten, die uit de diploide planten waren ontstaan, droegen waarschijnlijk veel grotere bananen. We kunnen het genoom van deze triploide vormen weergeven met (AAA).

Intermezzo

Klik op het woordje intermezo, als je meer wilt weten over de termen haploid, diploid, triploid, mitose, enz.

Nog andere eigenschappen van bananensoorten werkten in het voordeel van de mens, die het zetmeel van de banaan ging benutten. In alle wilde en gekweekte vormen komt het verschijnsel van parthenocarpie voor: ook onbestoven en niet bevruchte vruchten groeien uit tot vruchten. Het voordeel voor de mens is het ontstaan van vruchten vol met zetmeel en zonder lastige zaden. Doordat er ook nog vormen ontstonden, waarin de vrouwelijke bloemen steriel waren, konden de bananen daarna geselekteerd worden op de vorming van grote bananen met veel vruchtvlees en geen zaden. Het enige nadeel hiervan is, dat de huidige gekweekte banaan niet uit zaad op te kweken valt. De meeste bananenplanten op de wereld zijn vegatatief voortgekweekt, door uitlopers te scheuren en elders te planten. De voorouders, die met de bananenplanten aan het kweken waren, hadden vaak nog wel de mogelijkheid om stuifmeel van de fertiele mannelijke bloemen over te brengen naar "wildere" vormen van Musa acuminata, waarvan de vrouwelijk bloemen niet steriel waren. Onder de 500 gekweekte klonen van de huidige banaan komen vormen voor, waar ook de mannelijke bloemen steriel zijn. De veredeling van deze vormen is dan ook bijna niet meer mogelijk, tenzij er mutaties (= plotselinge veranderingen in het genoom) optreden in de lichaamscellen van deze bananen.

Diploide en triploide planten van Musa acuminata werden waarschijnlijk ook naar India gebracht, waar het tweede centrum van het ontstaan van de huidige banaan ligt. Van Musa balbisiana zijn nu geen diploide vormen bekend die eetbaar zijn. Er bestaan ook geen triploide planten van deze soort. Er zijn dan ook geen gekweekte bananenvormen, waarvan het genetisch materiaal alleen uit dat M. balbisiana bestaat. Om eetbare bananen te verkrijgen, hebben we altijd het genetisch materiaal van Musa acuminata (A) nodig. We kunnen het genoom van de wilde Musa balbisiana weergeven met BB.

Door hybridisatie tussen beide soorten en "storingen" bij de voortplanting ontstonden er de volgende genomen: AB (diploid), AAB (triploid), ABB (triploid) en AABB (tetraploid). Al deze vormen komen ook in de natuur voor. Daarnaast heeft de mens op onderzoeksinstituten ook de genomen AAAA, AAAB en AABB (allen tetraploid) gemaakt. In het schema hieronder wordt aangegeven hoe de verschillende genomen ontstaan zouden kunnen zijn.

figuur 1. De evolutie van de verschillende bananengenomen uit Musa acuminata (AA) en Musa balbisiana (BB) volgens Simmonds & Shepherd (1955)

Wat is nu de invloed van genetisch materiaal van het B genoom in dat van de huidige gekweekte banaan ? Musa balbisiana komt in gebieden voor, waar een moessonklimaat heerst i.t.t. Musa acuminata, die afkomstig is uit het altijd groene regenwoud. De bananenbomen van Musa balbisiana kunnen veel beter droogte weerstaan. Alle bananangenomen met erfelijk materiaal van M. balbisiana, zoals AAB, ABB en AABB, gedijen beter in gebieden met droogteperioden dan de oorspronkelijke AA en AAA vormen. Vooral de vormen met 2 B's (ABB) zijn krachtige planten, die die droogte goed verdragen en resistent zijn tegen ziekteverwekkers. Daarnaast produceren alle vormen, die genetisch materiaal B bevatten, grotere hoeveelheden zetmeel en meer vitamine C in hun bananen. Deze bananen zijn minder geschikt als toetje na het eten, maar wel om te bakken. Ze worden voornamelijk in AziŽ en Afrika gekweekt voor dat doel en worden nauwelijks naar Europa geexporteerd.

De verspreiding van de banaan over de wereld

De bananen met AAB en ABB werden waarschijnlijk ook weer van India teruggebracht naar MaleisiŽ. Vanuit MaleisiŽ en IndonesiŽ werden de bananen verder over de wereld verspreid als stek. Rond het jaar 1000 brachten PolynesiŽrs de banaan vanuit IndonesiŽ naar de eilanden in de Stille Oceaan. Verder neemt men aan, dat de banaan niet via Arabie en de hoorn van Afrika naar Afrika gebracht zou kunnen zijn, omdat deze gebieden te droog zijn voor de bananencultuur. Bananenplanten werden mogelijk rond de vijfde eeuw vanuit IndonesiŽ naar Madagascar gebracht. En vandaar zouden ze via Oost-Afrika langs de Zambesivallei en de Congorivier het westen van Afrika bereikt hebben. In de klassiek tijden kende men rond het Middellandse Zeegebied de kweek van banaan nog niet. Men hoorde wel door de expedities van Alexander de Grote over deze magische vruchtenboom, die door de Arabieren werden beschreven als de "boom van het paradijs". De Europeanen kwamen pas in aanraking met de banaan, toen de Portugezen langs de Westkust van Afrika voerden en vandaar bananenplanten meenemen. Zij brachten in de vijftiende eeuw de banaan naar de Canarische eilenden. Het is bekend, dat in 1516 een kloon van de bananenplant naar Haiti gebracht werd. Vanaf dat moment kreeg de Nieuwe Wereld ook de beschikking over dit gewas. In het onderstaande kaartje is de veronderstelde verspreiding van de banaan over de wereld weergegeven

figuur 2. De verspreiding van de banaan over de wereld.

L E G E N D A

1. het primaire centrum van het ontstaan van de banaan (genomen AA en AAA) uit M. acuminata.

2. het secundaire centrum van het ontstaan van hybriden (genomen AB, AAB, ABB en AABB) door hybridisatie van planten van M.cauminata met M. balbisiana.

3. het centrum, van waaruit de "globale" verspreiding waarschijnlijk heeft plaatsgevonden.

Produktie- en consumptiecentra tegenwoordig

Tegenwoordig komt driekwart van de geexporteerde bananen uit Latijns Amerika. De grootschalige export van bananen vanuit Midden-Amerika en het Caraibisch gebied naar de Verenigde Staten en Europa kwam aan het einde van de vorige eeuw op gang, toen er gekoelde schepen in de vaart kwamen en in deze landen de infrastructuur (vooral spoorwegen) aangelegd werden. Deze voorzieningen waren nodig, omdat de geplukte bananen binnen 14 dagen de winkels en markten in de VS of Europa moesten bereiken. Deze grootschalige produktie kwam al snel in handen van grote Amerikaanse maatschappijen, zoals de Unites Fruit Company en de Standaard Fruit Company. De bananenproduktie zorgde in veel Midden Amerikaanse landen ervoor, dat deze maatschappijen een behoorlijke machtpositie kregen. Zij konden regeringen laten vallen of staatsgrepen veroorzaken. De vorm, die in Midden Amerika veel gekweekt werd tot omstreeks de tweede wereldoorlog was de 'Gros Michel', een plant met het AAA genoom. Deze vorm bleek slecht tegen de schimmelziekte 'Panama disease' te kunnen, is daarom de laatste 50 jaar voor een deel vervangen door ander AAA vormen, zoals de 'Robusta'en de 'Valery'.

Ook in BraziliŽ worden grote aantallen bananen gekweekt. De geexporteerde bananen bereiken echter zelden het Noordelijk Halfrond, want de meeste van deze bananen worden geconsumeerd in ArgentiniŽ. Europa haalt zijn meeste bananen uit de Canarische eilanden (ongeveer 300000 ton per jaar van de AAA vorm 'Dwarf Cavendish') en Afrikaanse landen, zoals Kameroen, Ivoorkust. Door het ontstaan van de Europese Unie kennen we nu de dollarbanaan (afkomstig uit Latijns Amerika) en de eurobanaan (afkomstig uit de Canarische eilanden en Afrika). De eurobananen komen tegenwoordig meer in de Europese winkel of op de markt voor, omdat vele Afrikaanse landen associatieverdragen hebben met de Europese Unie.

figuur 3. De belangrijkste exportstromen van bananen op de wereld

L E G E N D A

4. produktiecentra voor de export van grote hoeveelheden bananen

5. consumptiecentra.

Literatuur

Simmonds, N.W. & Shepherd,K. (1955).
The Taxonomy and Origins of the Cultivated Bananas.
J. Linn. Soc. Lond., Bot., 55, 302-12

Purseglove, J.W.
Tropical Crops, Monocotyledons.
Longman, Harlow(Essex), 1985

Links

Op de volgende paginaīs vind u meer informatie over bananen:

  • de startpaginadochter over bananen


Deze pagina is het laatst aangevuld op woensdag 10 december 2003.

Voor aanvullingen of reacties, stuur mij een email:

Stuur je reactie !email: Fred Triep

Terug naar: Terug naar: